Actueel

IMG_kopactueelnieuws

stippellijn

Weidevogel en boer zijn gebaat bij ruige stalmest

In agrarische graslanden spelen rode wormen een sleutelrol in de bodemvruchtbaarheid en in de voedselvoorziening van weidevogels. Jeroen Onrust onderzocht de wisselwerking tussen boeren, wormen en weidevogels. Hij concludeert dat de rol van rode wormen wordt gehinderd door uitdroging en een gebrek aan ruige stalmest. Zijn bevindingen zijn van belang voor het natuurinclusief boeren. Op 15 december verdedigt hij zijn proefschrift aan de Campus Fryslân van de Rijksuniversiteit Groningen. 

Onrust onderzocht hoe het graslandbeheer van melkveehouders de regenwormen in de grond en de toegang van weidevogels tot die wormen beïnvloedt. Daarnaast onderzocht hij welke ecotypen regenwormen belangrijk zijn voor weidevogels. Onderscheidend naar kleur duidt hij de twee ecotypen – detritivoren en geofagen – aan als respectievelijk rode en grijze wormen. “Rode wormen zoeken aan het oppervlak naar voedsel en grijze wormen blijven altijd onder de grond”, zegt Onrust.

Speciale kar
Zichtjagende weidevogels als de kievit speuren naar wormen óp het gras. Om de toegang van dergelijke vogels tot regenwormen te meten nam Onrust daarom geen bodemmonsters, maar ontwikkelde een nieuwe methode: “Ik heb een kar gemaakt waar ik met mijn buik op lag en die ik met de benen voortbewoog. Zo heb ik de wormen geteld die ik op de grond zag.” Daarbij haalde Onrust menig nachtje door, want regenwormen komen alleen ’s nachts omhoog. “Dat was heel rustgevend”, lacht hij. “Kieviten, goudplevieren en andere zichtjagende weidevogels zijn ’s nachts het meest actief. Ik hoorde de vogels meer dan ik ze zag, of ze vlogen vlak voor me op als ik er aan kwam op mijn buikkar.” Onrust voerde zijn onderzoek uit in weilanden van melkveehouders in Friesland. Niet alleen is daar 90% van het agrarische land in gebruik van melkveehouderijen en bevinden zich daar de hoogste dichtheden weidevogels van Nederland, ook is Friesland de meest wormenrijke provincie.

Uitdroging
Onrust ontdekte dat de hoeveelheid rode wormen aan de oppervlakte afhankelijk is van de mate van uitdroging van het land en de bemesting. “Voor weidevogels is vooral droogte het probleem”, zegt hij. “Als de bodem vochtig blijft, dan blijven de wormen ook actief en hebben de vogels geen probleem. Maar zodra de bodem uitdroogt, gaan de rode wormen in rusttoestand en komen ze niet meer aan de oppervlakte. Uiteindelijk wordt de bodem ook zo hard dat een tastjager als de grutto er niet meer met zijn snavel door kan prikken.” Ook voor de boer is een uitgedroogde bodem niet fijn, want daarin zijn wormen inactief en staat de hele vruchtbaarheidscyclus stil. Experimenten met een hoger grondwaterpeil brachten niet altijd het gewenste effect. Onrust: “Waarschijnlijk heeft dat te maken met de verstoring van de bodem. Door bewerkingen als mestinjectie, ploegen en machinaal doorzaaien verliest de bodem zijn sponswerking, met als gevolg dat het water in de toplaag niet wordt vastgehouden.”

Ruige stalmest
Het zijn vooral de rode wormen die organisch materiaal aan de oppervlakte verzamelen en in de grond brengen. Juist rode wormen zijn als biobouwers belangrijk in het ecosysteem van het grasland. Maar deze detritivoren doen het steeds slechter, voornamelijk omdat boeren overwegend drijfmest uitrijden. “Ruige stalmest, met daarin uitwerpselen maar ook stro, is zeldzaam geworden, terwijl dat het belangrijkste voedsel voor rode wormen is”, zegt Onrust. “Ze moeten echt het grove organische materiaal zoals strootjes en blaadjes hebben. Met drijfmest kunnen ze niet zoveel.” Al met al zijn de bevindingen van Onrust ook van belang voor ‘natuurinclusief boeren’, dat momenteel in de belangstelling staat.

Het proefschrift Earth, worms and birds is te vinden op de website van de Rijksuniversiteit Groningen.

Bron: Rijksuniversiteit Groningen

stippellijn

Nieuwe bomenziekte bedreigt nu eik: Sudden Oak Death

We hadden al de iepziekte en de bloedingziekte bij kastanjes. Recent kregen we daar de essentaksterfte bij …
En nu staat er WEER een nieuwe bomenziekte voor de deur.

In Amerika noemen ze het ‘Sudden Oak Death’, naar het ziektebeeld. Eiken sterven plotseling, compleet af. De boosdoener is een ‘waterschimmel’ die hier van oorsprong helemaal niet voorkomt..

Waterschimmels zijn eigenlijk geen echte schimmels, maar zogenoemde oomyceten. Ze maken wel een soort schimmeldraden, vandaar de naam. Om zich te verspreiden hebben ze op zijn minst een dun waterlaagje nodig. De sporen van deze microben reizen niet door de lucht, zoals de sporen van bijvoorbeeld paddenstoelen dat wel kunnen. Een andere bekende oomyceet is phytophthora infestand, de veroorzaker van de aardappelziekte. De eikenziekte wordt veroorzaakt door een andere phytophthora:

Onderzoeker Boomsluiter denkt dat import van bomen en struiken de belangrijkste route is waarlangs deze ziekte Nederland kan bereiken. Tot nu toe is hij alleen nog in Ede en Arnhem gesignaleerd, waar hij waarschijnlijk via besmette rododendrons terecht was gekomen. Maar voor de zekerheid heeft Boomsluiter ook zijn eigen schoenzolen grondig gereinigd, nadat hij deze zomer een besmet gebied bezocht aan de westkust van Amerika. ‘Je weet immers nooit hoe de sporen hier terecht kunnen komen’, zegt hij.

Omdat de ziekte zich niet via de lucht kan verspreiden is het volgens Boomsluiter belangrijk dat iedere besmetting direct wordt aangepakt. ‘Bij deze ziekteverwekker hebben we in ieder geval nog een kans om hem bij de bron aan te pakken’

Iedereen die een aangedane eik, beuk of rododendron denkt te zien wordt gevraagd dat te melden via de site van Menno Boomsluiter (die de melding vervolgens na een check door kan geven aan de NVWA, die voor uitroeiing moet zorgen).

stippellijn

Nieuwe brochure over integratie bomen in bouwplannen

De Bomenstichting en VHG brengen een brochure uit over de integratie van bomen in bouwplannen. Volgens de brochure ‘Bouwen met Bomen’ is het inpassen van groen voor veel opdrachtgevers in de bouw nog lang niet vanzelfsprekend.

Het gaat de Bomenstichting en VHG, de branchevereniging voor ondernemers in het groen, in het bijzonder om het inpassen van bomen. Volgens de partijen worden bomen in de ontwerpen voor bouwprojecten wel ingetekend, maar is het de vraag of de aangegeven plaats wel geschikt is om de boom tot volle wasdom te laten komen. Bovendien wordt nauwelijks gebruik gemaakt van de mogelijkheden van de al aanwezige bomen op de bouwplaats. Te vaak gaan ontwerpers uit van een blanco situatie, alsof er nooit bomen en struiken hebben gestaan.

Beter leefklimaat
De bijdrage van bomen aan een beter leefklimaat kan volgens de stichting en VHG nóg groter worden als ontwerpers en ruimtelijke planners van meet af aan rekening houden met bomen. Het is een gemiste kans als bestaand groen niet geïntegreerd wordt in een bouwplan. Net geplante bomen hebben jaren nodig om tot volle wasdom te komen. Grote bomen hebben een enorme waarde. Ze bieden verkoeling en helpen daarmee hittestress te voorkomen. Bovendien zuiveren bomen de lucht, dragen bij aan een evenwichtige waterhuishouding, vangen fijn stof af en dienen als windscherm. Bomen leveren zo een bijzonder belangrijke bijdrage aan de kwaliteit van onze leefomgeving en ons welbevinden, aldus de initiatiefnemers.

Voorbeelden
De brochure beschrijft in het kort hoe bestaande bomen kunnen worden ingepast in ontwerpen, hoe nieuwe bomen een plan kunnen verrijken en hoe oudere, waardevolle bomen kunnen worden behouden door ze te verplaatsen. Op hun nieuwe standplaats kunnen ze opnieuw de omgeving verrijken en hun ‘groene’ bijdragen leveren. In de brochure zijn voorbeelden opgenomen van mogelijkheden om tegen relatief lage kosten een hoogwaardige groene omgeving te creëren of in stand te houden. De schrijvers zijn mensen uit de praktijk. Dat betekent dat de brochure veel herkenbare situaties met oplossingen bevat.

De publicatie is gratis te downloaden op de websites van:

de Bomenstichting en de VHG.

stippellijn

kappenMeldpunt bomenkap

Steeds meer mensen maken zich zorgen over het bomen (en natuur)beleid in Nederland en het gebrek aan handhaving. Valt u ook iets op?

Meld het hier!
http://www.bomenkapmeldpunt.nl

stippellijn