Natuurnieuwsbrieven

 

Elke maand verschijnt er een nieuwe aflevering met natuurnieuws. U kunt de aangeboden informatie vrij gebruiken, maar wel graag met bronvermelding.

Klik hier voor Natuur Net Nieuws van de maand november.
Hieronder kunt u het afgelopen jaar nog eens bekijken/lezen.

NNN november’18, NNN december’18, NNN januari ’19, NNN februari ’19, NNN maart ’19, NNN april ’19, NNN mei ’19, NNN juni ’19, NNN juli ’19, NNN sept ’19, NNN okt ’19

stippellijn

U kunt zich aanmelden voor een gratis abonnement op Natuur Net Nieuws via onderstaand formulier.

stippellijn

Niet meer ontvangen?
Als u de nieuwsbrief niet meer wilt ontvangen, kunt u een mail sturen naar:
info@groen-natuurlijk.nl

stippellijn

vervolg van Natuur Plus november

Sjirpen
Hét kenmerk van sabelsprinkhanen is dat het vrouwtje aan de achterkant van haar lijf een grote zijdelings afgeplatte legboor heeft, die net zo lang is als haar achterlijf en eindigt in een punt. De legboor doet denken aan een sabel, vandaar de naam sabelsprinkhaan. De mannetjes moeten het doen met twee kleine uitsteeksels aan het achterlijf. Maar het zijn wel enorme lawaaimakers, het schijnt dat hun gesjirp wel tot 100 meter ver kan dragen. Ze ‘zingen’ van drie uur in de middag tot drie uur ‘s nachts. Ze blijven vaak dagenlang op ongeveer dezelfde plaats. In de loop van de nacht kiezen ze graag een steeds hogere plek. Op warme dagen is het gezang nog tot in november te horen.

Voortplanting
Het mannetje lokt een vrouwtje door met z’n voorvleugels over elkaar te wrijven, het zogenaamde striduleren. Dat veroorzaakt in de zomer een schel ratelend geluid dat minutenlang kan aanhouden. Iedere soort heeft zelfs zijn eigen zang. Als het vrouwtje wil paren sjirpt ze ook. De paring duurt ongeveer drie kwartier, waarbij het mannetje een schuimachtige spermatofoor produceert, dat grotendeels door het vrouwtje wordt opgegeten. Een paar dagen na de paring legt het vrouwtje met behulp van de legboor wel meer dan 100 donkerbruine langwerpige eieren in de grond, alleen of in groepjes, liefst tussen hoge grassen. De eitjes kunnen overwinteren en dan in het nieuwe jaar uitkomen. Tussen het leggen en het uitkomen zit minstens één winter, maar er kunnen ook meerdere winters tussen zitten. Hierdoor worden ongunstige omstandigheden overleefd.

Nimfen
De nimfen komen in de lente uit het ei. Ze blijven tot de eerste vervelling in lagere begroeiing, want ze hebben dan nog geen vleugels. Die ontstaan pas na de derde vervelling. Na elke vervelling zal bij een vrouwtje de legboor duidelijker te zien zijn. Na een keer of zes vervellen bereiken de nimfen uiteindelijk rond eind juni, begin juli het volwassenstadium. Ze leven dan in de bomen en hogere planten om beter te kunnen jagen op andere insecten. De sabelsprinkhaan zal maar één seizoen meemaken omdat hij gemiddeld niet ouder wordt dan zes maanden. Wanneer de vorst invalt sterven alle sprinkhanen.

Weetje: De grote groene sabelsprinkhaan is eigenlijk helemaal geen sprinkhaan. Het zijn eigenlijk krekels! Het grote verschil met sprinkhanen zit hem in de voelsprieten…bij echte sprinkhanen zijn die kort maar bij de sabelsprinkhaan zijn ze net zo lang als zijn hele lijf!

Terug naar de natuurnieuwsbrief van novemberstippellijn