Natuurnieuwsbrieven

vervolg van Natuur Plus april 2021:  Rietvogels van Klarenbeek
(scroll tot onder het formulier)

Elke maand verschijnt er een nieuwe aflevering met natuurnieuws. U kunt de aangeboden informatie vrij gebruiken, maar wel graag met bronvermelding.

Klik hier voor Natuur Net Nieuws van de maand april.
Hieronder kunt u het afgelopen jaar nog eens bekijken/lezen.

NNN april ’20, NNN mei ’20, NNN juni ’20, NNN juli/augustus ’20, NNN sept ’20, NNN okt ’20, NNN nov ’20, NNN dec ’20, NNN jan ’21, NNN feb ’21, NNN maart ’21

stippellijn

U kunt zich aanmelden voor een gratis abonnement op Natuur Net Nieuws via onderstaand formulier.

stippellijn

Niet meer ontvangen?
Als u de nieuwsbrief niet meer wilt ontvangen, kunt u een mail sturen naar:
info@groen-natuurlijk.nl

stippellijn

vervolg van Natuur Plus april 2021:  Rietvogels van Klarenbeek

Winterkoning
Om te beginnen geen echte rietvogel maar een die je daar het hele jaar door hoort. Al voor zonsopgang zingt hij zijn lied met rollertjes. Een klein bruin fijngetekend vogeltje dat graag zijn staart omhoog zet. Hij strekt maar 9 cm en weegt 10 gr. Dat is twee A4tjes. Het is een vogel die in de winter niet wegtrekt. Dat is ook zijn gevaar want de winterkoning leeft alleen van insecten en in de winter kan daar een groot gebrek aan zijn. Hij kruipt zelfs onder sneeuw om ze te vinden.In het voorjaar bouwt het mannetje een aantal nesten, meestal laag in struikjes, het vrouwtje kiest en stoffeert het nest, legt vier eieren die niet groter zijn dan het laatste kootje van je pink. Ze broedt ze ook uit in twee weken terwijl het mannetje alweer vrouwtjes naar de andere nesten lokt. De jongen worden naakt geboren. Ze worden vooral door het vrouwtje gevoed en kunnen na twee weken vliegen. Daarna begint het vrouwtje aan een tweede nest; soms geholpen door haar jongen. De meeste worden niet ouder dan 1 jaar, zelden twee jaar. Overigens: katten eten winterkoning wel maar roodborst niet.

Rietgors
De volgende vogel die half februari vaak al arriveert in het riet is de Rietgors (15 cm 15 – 22gr). Hij heeft een zwarte kop met een boa om zijn nek en een bruin lijfje met witte staartranden. Dat zie je als het mannetje hoog in een rietstengel zijn kleine liedje zingt. Dat doet hij vaak. Vrouwtjes, minder gekleurd, leiden een verborgen leven. De rietgors komt niet van ver. In de winter verblijft hij langs de Atlantische kusten tot in Frankrijk. De rietgors eet zaden. Alleen de

jongen worden met insecten gevoerd. Dat is gelijk de reden dat vogels hier komen broeden omdat hier in een bepaalde periode in het voorjaar de overvloed aan insecten is die nodig is om de jongen mee te voeden. Boven: winterkleed rietgors.

In april maakt vooral het vrouwtje een nest op de laag omgevallen riet (kniksellaag). Ze legt beige eieren met een mooie tekening erop. Na twee weken broeden worden de uitgekomen jongen door beide ouders in twee weken gevoerd tot vliegvlugge vogels. De oudste rietgorzen worden 12 jaar.

Blauwborst
Dan komt eind maart van net iets verder de Blauwborst (13 cm – 17gr). Een kleurverschijning die ieder steeds weer boeit. Er broeden een of twee paartjes in de rietstrook. Blauwe borst met een witte ster en roodoranje in de staart, althans het mannetje.
Het vrouwtje is, net als de rietgors, vooral bruin en leeft verborgen. De blauwborst begint vaak wat aarzelend te zingen maar wordt steeds driftiger en klimt daarbij omhoog in het riet of hoger in een struik. Tenslotte maakt hij een baltsvluchtje en daalt met gespreide vleugeltjes weer neer in het riet. Het mannetje komt als eerste in het land. Blauwborsten komen meestal met een paar tussenstops van ten zuiden van de Sahara: de Sahel. Hier stromen de Senegalrivier en de Niger, die soms hele vlakten onder water zetten en waar deze vogels het grootste deel van het jaar doorbrengen. Ze steken de Sahara in een keer over: 1500 km. Met 40 km per uur is dat bijna twee dagen vliegen. Tevoren vetten ze op tot bijna tweemaal hun gewicht maar niet te veel want dan is opstijgen en vliegen te zwaar. Ook is het met dat gewicht moeilijker om aan roofvogels te ontkomen.

Als de voedselsituatie in de Sahel of onderweg niet gunstig is dan halen velen de terugtocht niet. Met de klimaatverandering lijken sommige in Zuid-Europa te overwinteren. Meer kennis wordt tegenwoordig verworven door kleine apparaatjes (0,65 gr) op de rug van de vogel te plakken die tijd en daglengte waarnemen. Als de vogel het jaar erna opnieuw gevangen wordt, kan men daaruit afleiden waar die verbleven heeft.

Blauwborsten broeden liefst in verruigend rietland maar soms ook in koolzaad. Het voedsel bestaat dan ook uit meer dan insecten, want vaak eten ze ook bessen en zaden. Het nestje vlakbij de grond wordt door het vrouwtje bekleed met een laagje pluisjes. Ze legt vier groenige eieren met roodbruine stippen. Ook zij broedt ongeveer twee weken en de jongen worden door beide ouders twee weken op het nest gevoerd waarna de jongen vliegvlug zijn. In Nederland worden ook wel roodsterblauwborsten gezien met een rode vlek op de blauwe borst, een zeldzame doortrekker uit vooral Scandinavië.

Rietzanger
Intussen is het april en komt de Rietzanger (13 cm -12 gr) ook uit de Sahel terug. Ook dit mannetje klimt tijdens het zingen van afwisselend krakende maar ook heldere tonen omhoog en eindigt met een baltsvluchtje. Een echt rietvogeltje dat alleen leeft van insecten en spinnetjes. Er broeden enkele paartjes in de rietstrook. Ook hier het nestje dicht bij de grond op de kniksellaag.

Vooral het vrouwtje broedt de vier eieren uit (grijsgroen met bruine vlekjes). Door droogte in de Sahel vorige eeuw is deze vogel hier bijna afwezig geweest maar is nu weer ruimschoots aanwezig.

Kleine Karekiet
En dan verschijnt half april de Kleine karekiet (12,5cm – 15-20 gr). De bekendste vogel in het riet met zijn eindeloze ‘karekarekiet’. Geen zangvluchtje voor dit vogeltje en het leeft veel meer verborgen.
Ze blijven vaak zingen tot in augustus en vooral ook ‘s avonds en ‘s nachts. Daarna vertrekken ze weer richting het zuiden. Hoe later de vogelsoort arriveert, van hoe verder weg ze komen. De kleine karekiet gaat nog voorbij de Sahel naar de mangrovebossen aan de oceaan.

Ze leven alleen van insecten en spinnetjes en vinden die hier juist in de maanden met lange dagen volop in het riet om hun jongen te voeden.
Het vrouwtje weeft een diep komvormig nest (foto rechts) liefst boven water en hangt het als enige tussen een aantal rietstengels.

De broedduur is 11-14 dagen. De jongen zitten 9-13 dagen op het nest. Na het uitvliegen worden ze nog een tijdje verzorgd door de ouders. De meeste kleine karekieten worden vier jaar maar er is er wel een van elf jaar gevonden.

Cetti’s zanger
De Cetti’s zanger (13 cm – 12 gr) is het afgelopen jaar ook hier opgedoken. Er is een langzame opmars gaande vanuit zuidelijker streken. Deze soort blijft het hele jaar op dezelfde plek; alleen de jongen verspreiden zich iets. De zang is explosief en zeer luid. Het (rood)bruin vogeltje dat de staart graag omhoog steekt, maar erg verborgen leeft, eet alleen insectjes.
Ook dit vogeltje, dat roodbruine eieren legt, bouwt een nestje bij de grond. Het niet wegtrekken is riskant voor deze vogel in de winter, waardoor de populatie plotseling kan terugvallen.


Waterral

Als laatste de Waterral (22 – 28 cm). Soms hoor je een speenvarkenachtig gegil uit het riet. Dat is de wat geheimzinnige waterral. Hij is verwant aan het waterhoen dat bij meer mensen misschien beter bekend is. Hij is overwegend bruin gestreept met gestreepte flanken, een blauwgrijze onderzijde en een opvallende lange rode snavel. Hij leeft met zijn smalle lijf verborgen tussen de rietstengels, blijft ook het hele jaar op dezelfde plek en eet van alles: kikkers, slakken, insecten, plantjes tot kleine vogeltjes.
De waterral broedt vlakbij of boven het water in dikke vegetatie. Ze legt wel 10 eieren en gaat pas broeden als alle eieren gelegd zijn, zodat de jongen tegelijk uitkomen.

De jongen zijn nestvlieders en verlaten al snel het nest om zelf voedsel te zoeken. Als ze klein zijn hebben ze nog geen vleugels en gebruiken de stompjes als armpjes om terug het nest in te klauteren. Ze kunnen wel 9 jaar worden.


Geen van bovengenoemde vogels staat op de rode lijst

En dan leven er nog veel vogels in het riet maar broeden er niet: Wilde eend, Waterhoen, Fuut, Meerkoet, Blauwe reiger, Watersnip (hemelgeit). Roodborst, Fitis en Sprinkhaanzanger. En sommige soorten zouden we graag willen: Baardman, Roerdomp, Bruine kiekendief.

Tot slot is er nog de Koekoek die op geheimzinnige wijze zijn eieren in het nest van de Kleine karekiet of de Rietzanger legt. Maar dat is een verhaal apart en leest u in een van de volgende uitgaven van NatuurNetNieuws.

Klarenbeek is onderdeel van Natuurvereniging de Ruige Hof, gelegen aan de Abcouderstraatweg in Amsterdam en wordt onderhouden door vrijwilligers. In het terrein van 6 hectare is het goed wandelen en vogels kijken, lopend over onverharde paden. Eens in de paar weken op zondagochtend is er een vogelwandeling over Klarenbeek en het park de Hoge Dijk.


Zie voor verdere info de website
: www.deruigehof.nl

 Terug naar de natuurnieuwsbrief van april